La Calzada de Béjar - Funterroble de Salvatierra dag 18 / 31 mei 2006 / 20 km / 460,5 totaal
Heel vroeg zijn we gaan slapen en hebben een heerlijke nacht gehad. De rust heeft goed gedaan voor mijn been, zodat we na een gezellig ontbijt met Yves en Jean-Michel en Pierrette vol goede moed voor een heerlijke ochtendwandeling door een prachtig berglandschap zijn vertrokken.
We hebben onderweg heel veel bloeiende vlinderlavendel gezien. Zuidelijker en lager gelegen was dit overal al uitgebloeid. Gisteren zijn we van een hoogte van 529 meter (Aldeanueva del Camino) naar een hoogte van 796 meter (Calzada de Béjar) gelopen. Nu zijn we op een hoogte van 955 meter beland, in Fuenterroble de Salvatierra.
Door een Duitse hospitalero zijn we hartelijk ontvangen in de pastorie, waar we de nacht zullen doorbrengen. Hij heeft ons de slaapzaal gewezen. Wij slapen in de kleinste van de drie, waar drie stapelbedden staan. Er zijn nog twee grote zalen met heel veel bedden. Yves slaapt ook in de kleine kamer.
Grappig om te bedenken dat ik nog nooit zo vaak achter elkaar in steeds weer een ander stapelbed heb geslapen en elke nacht weer ergens anders heb overnacht.
Na zo te zijn verwelkomd zijn we even naar de kerk gelopen, om weer een foto te maken van de poort. Helaas was de poort niet open, dus we konden niet binnen kijken. Naast de kerk is een stuk van een Romeinse weg gereconstrueerd. Dat is dus niet zo simpel gemaakt als we dachten. Eerst werd een fundering van grote brokken steen aangebracht in een uitholling waarop de weg werd aangelegd. Daarop werd een laag kleinere brokken leisteen gelegd. Dan volgde een laag met specie vermengd grind en als toplaag grote gelijkmatige platte stenen.
Maar eerst moet ik nog verder vertellen over onze wandeling van vandaag. Het was koud! Kort nadat we zijn begonnen hebben we achter een boom uit de wind toch maar even onze korte broek verwisseld voor een lange. Brrrr! We hoorden later in de pastorie dat het die ochtend net iets boven het vriespunt was. Geen wonder dat we het koud hadden in onze korte broek! Goed ingepakt in onze lange broek, windstopper fleece, pet en sjaaltje zijn we verder gelopen. Handschoenen waren geen overbodige luxe geweest, dus die gaan op de paklijst voor de volgende keer.
In het begin ging het prima met mijn been, maar de laatste 5 km waren toch wat minder prettig. Vooral na een licht dalende weg kreeg ik last. Om iets voor 12.00 uur waren we op ons eindpunt voor vandaag. Ik was blij dat we er waren. Pieter-Bas heeft gelukkig nergens last van, hij huppelt vrolijk door! Hopelijk gaat het morgen iets beter.
We hebben net geluncht met de priester, Manuolo (Spanjaard, de kok en pelgrim op de fiets, die we eerder al in Grimaldo op het terras troffen, waar hij toen in zijn stoel zat te snurken), Yves, Jean-Michel en Pierrette, wij tweetjes, Pacu (die eigenlijk een hartstikke aardige vent is en eindelijk zijn kleren heeft gewassen, haha!), nog een Spaanse man en de hospitalero zelf. Manuolo heeft spagetti met heel erg veel verse knoflook en olijfolie gemaakt. Echt lekker!
Voor de lunch spraken we Pacu, die hier aan het werk was. Hij was even een dagje extra gebleven. Hij vertelde dat hij twee kleine kinderen heeft en dat zijn vrouw, terwijl hij onderweg was, de echtscheiding heeft aangevraagd. Zij woont nu met haar nieuwe partner en de twee kinderen in Benidorm en Pacu in Santiago. Dat is een behoorlijke afstand. Pacu zat te grappen dat ik straks wel een dikke buik zal hebben. Eerst naar Santiago! Haha! Ook tijdens het eten zat ie samen met Manuolo grapjes te maken dat ik voor twee moest eten.
Tijdens het eten kwam er een heel oud klein dametje binnen. De priester begon met haar te praten en zei dat ze even naast hem moest komen zitten, wat ze ook even deed. Maar ze stond alweer op en wilde weggaan, maar de priester riep haar weer en hield haar aan de praat. Dat ging zo een keer of 10 door en iedereen had grote lol, omdat ze steeds weg wilde gaan maar toch steeds weer terug kwam. Ze vond het zelf ook leuk, want ze begon steeds ook weer vrolijk met de priester verder te praten.
Even later kwam er nog een vrouw binnen, van een jaar of 65 denk ik. Ze is ook hospitalero en coördineert weer een aantal hospitaleros en herbergen. Jean-Michel had last van zijn rug en zij bood aan om hem te masseren. Tijgerbalsum werd door haar man uit de auto gehaald en zij masseerde zijn rug. Dat deed hem wel zeer, aan het gekreun te horen, maar het bracht wel verlichting. Ondertussen had Pierrette haar verteld dat ik last had van mijn bovenbeen en kwam ze bij mij. Met mijn broek omlaag (ik had mijn roze boxershortje aan) zat ik buiten op een stoel voor de pastorie tegenover deze zeer behulpzame vrouw. Zij spreekt geen Engels, ik geen Spaans en Pierrette probeerde mij ondertussen in het Frans uit te leggen wat ze zei en deed. Hoe is dat spreekwoord ook alweer: de kreupele helpt de blinde (of andersom)? Enfin, ik kreeg een diagnose (spier overbelast) en een professionele massage. De crème van Pierrette en Jean-Michel werd nogmaals in gemasseerd en ik moet dat elke dag een keer herhalen (voor zover ik het goed heb begrepen). Het voelt nu goed en losser aan.
Terwijl Pieter-Bas nu lekker een uiltje ligt te knappen, ben ik met Jean-Michel en Pierrette naar de Farmacía geweest om dezelfde crème te kopen, die volgens die lieve mevrouw goed is voor mijn been.
Het is hier zo leuk dat ik nog uitgeschreven ben. Onze vier Alkmaarders kwamen tijdens de lunch ook nog binnen gestrompeld, maar ze zijn kennelijk weer vertrokken, omdat de accommodatie niet beantwoordt aan hun wens in eigen kamers te slapen. Want refugio's, dat hadden ze al een keer gedaan. Nu deden ze alleen hostals. Nou ja, voor ieder wat wils, toch? Inmiddels wordt het hier steeds gezelliger. Denise is net aan komen wandelen en ook Guy en Juliette zijn in town. Guy en Juliette slapen in de casa rural.
Vanavond eten we ook hier in de pastorie en morgen om 7.00 uur zitten we weer aan het ontbijt. Zo gaan we van maaltijd naar maaltijd… mmmm! Als Manuolo weer kookt zullen we wel weer lekker eten!
Jemig ik zal dit nog missen. Elke dag die nieuwe indrukken en gezelligheid. Pieter-Bas en ik genieten er volop van. Het te voet door Spanje trekken is heel bijzonder om te doen. We ontmoeten zoveel aardige mensen. De Spanjaarden zijn zo hartelijk en elke keer weer zo behulpzaam.
We hebben nog twee wandeldagen te gaan en dan hebben we meer dan 500 km lopend afgelegd! Ik zou nú wel door willen gaan naar Santiago, maar daar moeten we een jaartje op wachten. Ondertussen hebben we weer veel ervaring opgedaan en onze paklijst aangepast voor volgend jaar.
Ook hebben we nog een paar mooie souvenirs gekocht in de pastorie. Een blauw geglazuurde wandtegel met in het geel de Sint Jacobsschelp. Ook hebben we twee speldjes met een beeltenis van een pelgrim gekocht.
Voor het avondeten zijn we met Yves nog even naar één van de twee barretjes gegaan om wat te drinken. Natuurlijk stond de immer aanwezige tv weer ingesteld op stierengevechten. De stierengevechten verlopen telkens volgens een bepaald stramien (de kenners zullen mij ongetwijfeld nog wijzer kunnen maken).
De stier wordt losgelaten in de arena, wordt moe gemaakt door (ik noem ze maar) de hulpjes van de toreador en de spieren van de nek worden door een ruiter met een speer doorgesneden. Dan worden door de toreador telkens twee versierde pijlen met weerhaken onderaan de nek / bovenaan de schouders gestoken. Deze blijven daar hangen en inmiddels zit de stier al aardig onder het bloed. Het aanbrengen van de weerhaken door de toreador is een linke klus, want hij staat er zonder zijn lapje stof en moet op de stier afrennen en ze vanaf de voorkant van de stier aanbrengen. Tijdens deze exercitie wordt de stier beurtelings vanaf links en rechts afgeleid door de hulpjes met hun doeken (die later als ze groot zijn misschien ook een hoofdrol als toreador zullen gaan vervullen). Na deze actie voert de toreador in zijn strakke glimmende pakje een soort dans uit met de stier, die dan al aardig buiten adem is. Daarbij beweegt de toreador zo min mogelijk. Met stijve benen draait hij de stier dan weer links en dan weer rechts om hem heen. Af en toe loopt de toreador met zijn rug naar de stier een stukje weg, waarna het draaien weer begint. Er wordt door de arena een soort patroon afgewerkt. Als de toreador daarmee klaar is, dan is het tijd voor het eindspel.
Natuurlijk gaat er wel eens wat mis. De stier wil nog wel eens in plaats van de lap stof de toreador als doelwit op de hoorns nemen. Gisteren zagen we hoe de toreador tot tweemaal toe als een pop door de stier de lucht in werd gekopt. Na de eerste keer kwam hij op zijn knieën voor de stier terecht, hoofd tegen kop. De stier nam hem onmiddellijk weer op de hoorns, die rakelings langs zijn benen in de lucht prikten. Het scheelde weinig of die hoorns hadden de toreador doorboord. Ik schrok er zo van dat ik het er helemaal warm van kreeg. Pfff… Waarom mensen dit zo leuk vinden weet ik niet. Volgens Pieter-Bas wacht het publiek gewoon op de momenten dat het misgaat. Verder is het eigenlijk maar saai om naar te kijken.
Na de dans van de toreador vangt het eindspel aan. Dan krijgt hij een zwaard aangereikt, dat hij via de onderkant van de nek / boven de schouders in het hart van de stier moet steken. Als dit na drie pogingen nog niet is gelukt, dan wordt de stier afgemaakt. Nou nou, dát zal ik niet missen van Spanje.
Guy en Juliette en even later ook Denise kwamen ook nog gezellig bij ons aan tafel zitten in het barretje. Om een uurtje of 20.15 kwam Jean-Michel ons ophalen voor het eten: linzensoep met brood. We aten met Jean-Michel en Pierrette, José (een oudere Spaanse pelgrim die op 18 mei was vertrokken en afstanden van 40 à 50 km per dag loopt), de hospitalero, twee Nederlandse fietsende broers, Yves en wij tweetjes. Het was weer gezellig.
